vrijdag 6 november 2009

Over hoe Kobus zijn Picoprojector won...


Ik las het op de blog van Pierre Gorissen. De spelregels trof ik daarna hier en hier.

SURFnet/Kennisnet geven gadgets weg.

Het was een wedstrijd. Wat zou jij doen met deze gadget? Er was wat onduidelijkheid of ik als medewerker van het basisonderwijs mocht meedoen. Gelukkig heeft Annet Smith goed opgelet en het is eigenlijk een beetje dankzij haar dat ik de stoute schoenen had aangedaan en dus een idee had ingestuurd. Harriet Damen had inmiddels toestemming verleend om de ideetjes die we hadden wereldkundig te maken.

Zo. Dat is nog eens een rommelige inleiding. Hieronder staat het idee dat ik had ingezonden. Ik had de review van Pierre over de Picoprojector gelezen en bekeken en had bedacht wat ik op onze basisschool er mee zou doen. Ik wist toen nog niet dat, ach, lees eerst maar gewoon het idee wat ik ingestuurd had.

Het idee
De toepassing die ik met de PicoProjector in het basisonderwijs zou uitvoeren is simpel, maar uitdagend voor de kinderen.

Een groepje kinderen gaat bewapend met de picoprojector gekoppeld aan een digitale fototoestel beginnen aan een zware uitdagende tocht door de school. Zij moeten een lange speurtocht oplossen.

Op de muren, vloeren en op het plafond zitten tal van aanwijzingen. Ook aan de onderkant van tafels, de binnenkant van kasten en zelfs op de toiletten hangen incomplete plaatjes waar geen touw aan vast te knopen is.

Op de picoprojector staat een serie aan plaatjes die werkelijk als de 'ontbrekende puzzelstukjes' dienen. Zo treffen de kinderen op het plafond boven de kapstok bijvoorbeeld een geheimzinnig bericht waarvan een flink aantal letters ontbreken. Met de combinatie 'projector en fototoestel' ga je alle plaatjes af die op het toestel staan om te kijken welke erbij zouden kunnen horen. Na het passen en meten door de projector te draaien en achteruit en vooruit te lopen of schuin op de muur te projecteren verschijnt de geheime boodschap aan de kinderen. De letters die worden geprojecteerd vallen precies in de lege plekken van het bericht. [spelling]

Aan de onderkant van de tafel in de hal treffen de kinderen een landkaart van Europa aan. Maar welk land ontbreekt? Wederom gaan de kinderen op zoek naar het bijbehorende plaatje en wellicht moeten zij weer draaien met de projector om het puzzelstukje te laten passen. [aardrijkskunde]

Vervolgens gaan de kinderen naar buiten en moeten zij precies 1 meter van de muur af staan. Ze projecteren een wit vierkant op de muur. De opdracht zegt: 'Dit is één vierkante meter. Tel alle stenen binnen dat witte vierkant'. Daarna moeten de kinderen schatten hoeveel stenen er zitten in een bepaalde muur van de school. [rekenen, meetkunde]

Tot slot krijgen de kinderen een erg moeilijke opdracht. Ze moeten een schat zoeken. De beginplaats is bij de w.c. Ze projecteren een filmpje via de spiegel op de muur, terwijl de anderen proberen te onthouden wat er wordt gezegd. In het filmpje zien ze hun eigen meester of juf. Die zegt: "loop de w.c. uit. ga dan die kant op. En ga daarna die kant op." De juf of meester zegt expres geen links of rechts, maar wijst met haar vinger de kant op die hij of zij bedoelt. Projecteren de kinderen het filmpje niet via de spiegel, dan lopen ze verkeerd.

Eenmaal aangekomen bij de schat treffen zij een doos met handpoppen en een cdspeler aan. De opdracht zegt: "film je eigen video clip" De cd speler wordt aangezet en de kinderen dansen met de pop voor de digitale camera. Eenmaal terug in de klas vertellen zij over de speurtocht en laten zij aan hun klasgenoten hun zelfgemaakte videoclip zien.

De PicoProjector neemt in dit geval de leerstof de klas uit. Kinderen gaan actief en fysiek aan de gang met de informatie uit de lesstof. Ze moeten 'concreet' gaan passen en meten en de denkstappen die zij normaal slechts in hun hoofd kunnen uitvoeren, worden met de PicoProjector op een uitdagende manier verschoven naar een nieuw soort onderwijs.

Het vervolg
Niet lang daarna kreeg ik een mailtje. Of ik niet in de gelegenheid was om naar de onderwijsdagen in Utrecht te komen. En of ik me dan rond half elf bij de stand van Kennisnet kon melden. Ik voelde de bui al hangen natuurlijk, dus was goedgemutst vertrokken die dag. Ik had een extra grote tas bij, want ik zou naar huis gaan met hele speciale gadgets. Ongeduldig stond ik al om kwart over tien bij het standje van kennisnet. Ik babbelde wat met Harriet, die niets losliet over waarom ik nou eigenlijk uitgenodigd was. Er verzamelde nog wat meer edubloggers en Pierre, Annet en Fons waren er ook bij. Gezellig. Er was ook wat pers aanwezig en de tijd kroop tergend langzaam vooruit. Harriet klom op een soort podium en klokslag half elf begon ze te vertellen over SURFnet en Kennisnet en waarom zij deze gadgets via deze wedstrijd de wereld in brachten. Ik luisterde maar half, want ik had mijn ogen gericht op de gadgets achter haar. Er stond niet één picoprojector. ER STONDEN ER WEL EEN STUK OF TIEN!!! Droomde ik? Ik kneep mezelf in de arm...

AU!!

Verdorie. Ik lag in bed. Alles gedroomd.

dinsdag 3 november 2009

Claude Lévi-Strauss is dood



Wie is er dood? Lévi-Strauss? Die van die spijkerbroeken?

Bijna goed. Claude Lévi-Strauss was een Franse filosoof. Hij is bekend geworden door zijn geschrijf over zijn bezoeken aan tal van stammen in de Braziliaanse tropen.

Een stukje geschiedenis
Rond 1750 is het in Europa erg populair om zowat alles in twijfel te trekken wat niet wetenschappelijk onderbouwd is. Het is belangrijk om alles eens grondig opnieuw te bekijken en vooral te beredeneren. Men trekt voor het eerst eens goed de wetenschappelijke gereedschapskist open en met het 'mes van de rede' wordt er gretig rondgezwaaid. Vele heilige huisjes sneuvelen en men maakt korte metten met de zogenaamde waarheid die slechts waarheid is omdat een of andere autoriteit zegt dat het zo is. Priesters, baronnen en andere hoogwaardigheidsbekleders moeten voortaan uitleg geven aan hun besluiten en verliezen hierdoor veel macht. De macht verschuift naar de intellectuelen. Deze periode noemen ze de verlichting.

Men is dol op proffessor spelen. Aan alles wordt gedacht. Niets ontsnapt aan het mes der rede. Jean-Jacques Rousseau kan zich niet vinden in deze stroming. Hij vind dat de wetenschappers die alles willen beredeneren voorbij gaan aan kunst, intuïtie en het gevoelsleven. Deze tegenbeweging noemen ze de Romantiek.

Een pedagogisch voobeeld?
Rousseau is een fijne vent. Hij schrijft tal van boeken over opvoeding. Maakt ondertussen een stuk of vijf kinderen bij een onschuldig lief meisje die hij doodleuk stuk voor stuk afstaat aan een vondelingenhuis. Voor die tijd een hele normale zaak overigens. Had je maar moeten trouwen.
Toch zijn zijn boeken over opvoeding populair te noemen. In een van die boeken beschrijft hij 'De Nobele Wilde'. Geïnspireerd door de vele reisverslagen uit die tijd beschreef hij het karakter van een niet-westers mens dat door zijn leven in de natuur nog Puur en Oprecht is. Het zijn de steden en de maatschappij die de mens verpesten.

Verlichting vs Romantiek
En daar heb je dus een filosofisch spanningsveld te pakken. Aan de ene kant heb je het verstand van de verlichting. Beredeneerd en wetenschappelijk. Aan de andere kant heb je de romantiek. Intuïtief en de wereld bekijkend vanuit gevoel.

Het bekijken van wilde stammen werd vooral in de 19e eeuw erg populair om te doen. Europa stortte zich massaal op elke vorm van samenleving die ze in de tropen maar konden vinden. Het bestuderen van zulke 'wilde stammen' had veelal twee resultaten.

De wilde stam was toch echt onderontwikkeld. Ze hadden geen elektriciteit en hielden zich bezig met vage rituelen en allerlei vormen van bijgeloof. Onze maatschappij is verder en dus beter.

De andere reactie was totaal anders. De wilde stam was puurder en nog "onverpest" door de moderne ontwikkelingen van de maatschappij. Ze stonden dichter bij de natuur en bleven dus ook dichter bij de essentie van het leven. Hun maatschappij is daardoor echter en dus beter.

En toen was daar Claude Lévi-Strauss
De Verlichting vs De Romantiek. En toen was daar Claude Lévi-Strauss. Die wist in zijn boeken met de scherpte van een wetenschapper de stammen te beschrijven, zonder ze te betuttelen of ze als 'Nobele Wilde' neer te zetten. Hij maakte de volken die hij onderzocht niet ondergeschikt aan zijn eigen maatschappij, maar maakte er ook geen bewoners van een paradijselijk oord van. Hij bekeek zowel de materiële waarde alswel de immateriële waarde van een stam.

Dat wat hij schreef las zo lekker weg dat hij er zelfs bijna een literatuurprijs voor gekregen had. Maar zijn boeken vielen in de categorie non-fictie en dus viel hij toch niet in de prijzen. Maar dat terzijde.

Lévi-Strauss heeft gepoogd de filosofie te bestuderen. Maar dat vond ie maar saai. Toch is hij gestorven als 'filosoof'. En dat is knap. Tevens heeft hij met zijn filosofieën een nieuw licht geworpen op etnologie en antropologie. Dat is OOK knap. Tot slot zou hij volgende maand 101 jaar geworden zijn. En dat vind ik al helemaal knap. Zeker als hij alle kaarsjes had uitgeblazen.

Claude Lévi-Strauss had dus niets met spijkerbroeken te maken, maar heeft ons wel een belangrijke les te leren:

De tropen houden je jong.. of zoiets.

maandag 2 november 2009

Hou het simpel


Mijn voornemen van dit schooljaar is: hou het simpel.
In de zomervakantie ben ik daar mee begonnen. Mijn plan was om een soort streep te trekken. Ballast te dumpen. Schoon schip te maken. Ik was geïnspireerd door tal van blogs over Getting Things Done, Lifehacking en boeken zoals 'Levenskunst' van Joep Dohmen en zijn artikelen in het filosofiemagazine.

Mijn leven was als een struik die alle kanten op groeide en nodig gesnoeid moest worden.

Eenvoud. Dat was het plan. Snoei weg wat er niet toe doet. Houd je hoofd leeg en dus klaar voor de dingen die er wel toe doen. Ik las Zen to Done en greep maar weer eens naar de Tao te Ching en las Lila van Robert m. Pirsig nog maar eens. Zes weken vakantie om een dikke vette streep te trekken en 'het vuil der jaren van me af te douchen'. Lekker.

Ik begon met weggooien. Veel weggooien. Daarna ben ik gestopt met mijn hardnekkige blogverslaving. Mijn hoofd moest immers leger en niet voller. Ik logde niet meer in op RSS Reader en heb maanden geen edublog meer gelezen. Ik stopte zelfs met het schrijven op mijn blog, terwijl ik daar juist zo'n plezier aan beleefde. Ik gooide een rem op twitteren en bracht ondertussen nog wat spullen naar de stort.

Toen was school weer begonnen. Al na een week lag daar mijn bureau weer vol met weet ik niet wat. Ook thuis werd het weer een bende en op één of andere manier zie je niets meer van mijn opruimwoede. Ik ging weer eens wat twitterberichten lezen en reageerde hier en daar. Toen ontving ik mijn google wave account en daar las ik dat er weer een edublogdiner gepland stond. Snel aangemeld, want die wil ik toch eigenlijk niet missen.

En hier zit ik dan. Mijn bureau thuis en op school een puinhoop. Mijn desktop vol met icoontjes. Mijn GTD systeem compleet overhoop. En tot overmaat van ramp is mijn hoofd alles behalve leeg. Ik heb er hoofdpijn van.

Op één of andere manier lijkt het me zo'n paradijselijk gevoel om vooral veel ruimte te hebben. Leegte. Om je heen, maar vooral van binnen. Herken je dat?

Ik geef de moed dus niet op. Ik begin gewoon opnieuw. Deze keer schakel ik mijn omgeving in. Wat zou jij doen om je leven simpeler te maken? Die vraag ga ik stellen aan mijn familie tijdens verjaardagen. Ik ga 'm stellen aan vrienden in de kroeg. Aan mijn collega's op school.

En ik stel de vraag ook hier. Op mijn blog. Waar ik veel te lang niet ben geweest.

Dus, wat zou jij doen om je leven simpeler te maken?

woensdag 23 september 2009

Google Wave Invites

Mocht de kleine kans bestaan dat een niemandalletje als ik plots verwend wordt met een Google Wave account.. En ik heb 5 invites.. Aan wie van jullie moet ik dan een invite sturen?

Ik ga er namelijk vanuit dat het verspreiden van Google Wave net zo zal gaan als Gmail toentertijd.

Ik ben zo ontzettend benieuwd. Ik wil met mijn team direct aan de slag zodra Wave beschikbaar komt.

verwijst naar: Kobus van der Slossen (bekijken via Google Sidewiki)

zondag 21 juni 2009

Het grote onderwijs innovatie vraagstuk.

Als edublogger innoveer ik me suf. Ik pik de goede ideeën van mijn medebloggers en ik hoop op mijn beurt dat er iemand is of komt die iets heeft aan mijn geraaskal. Ik vertrouw erop dat ik bijdraag aan de wereld van het onderwijs.

Ik ben niet de enige. Ik noemde al mijn medebloggers die wellicht de eerste zullen zijn die deze tekst lezen. Hun commentaar motiveert. Wellicht dat mijn commentaar hen inspireert. Met al ons wederzijds geïnspireer.. zetten we echt zoden aan de dijk?

Zijn we werkelijk die koplopers in het onderwijs? Of is dat een persoonlijk geromantiseerd beeld wat ik in stand houdt zodat ik met een excuus kan blijven schrijven en twitteren. Soms vraag ik mij oprecht af, waar gebeurt het? Wat is de voorkant van die trein der innovatie?

Het onderwijs schijnt dringend innovatieve ontwikkelingen nodig te hebben. In deze tijd is het ergens logisch te denken dat deze ontwikkelingen via internet boven komen drijven. Maar op welke plek zal dat gebeuren? En moet je dit stimuleren? Kan dat eigenlijk wel? Dit alles is het grote ‘onderwijs innovatie vraagstuk’.

Ik zelf houd mijn blik gericht op de volgende hoekjes van het internet.

1. Edubloggers
2. Wikiwijs
3. Teachmeet
4. Conferentie Innovatiekracht Onderwijs

Edubloggers
Dit zijn de eenlingen. De schrijvers. De kleine selecte groep waartoe niemand zich echt wil of kan rekenen. Want de échte edublogger bestaat niet. Het zijn de schrijvers die over onderwijs schrijven en in een soort permanente roes van onvrede leven. De edublogger ziet altijd verbeteringen. Ze zien zelfs tekortkomingen in die schamele pogingen van anderen tot verbeteringen. De edubloggers hebben een soort gat in de markt gevonden. Maar ze zijn niet georganiseerd genoeg om het op te vullen. Willen ze dat wel? Een onverenigbare vereniging. De water-naar-zee-dragers en de roependen-in-de-woestijn. De edublogger is de koploper in een netwerk van volgelingen. En andersom.

Wikiwijs
Sinds de NOT2009 was daar ineens wikiwijs. Het innovatieplatform. Wikiwijs is vele malen opgesmukt en neergesabeld sinds het voor het eerst ter wereld kwam. Maar meer dan dat is het op dit moment nog niet. Het is vooralsnog een idee in de vorm van een blog. Het enige knappe eraan is de hype eromheen. Het belooft wat. Maar wat precies? Is het wikiwijs die de ontwikkelingen vanuit het veld kan gaan stroomlijnen? Of vind de echte innovatie toch elders plaats?

Teachmeet
Wellicht dat Fons van de Berg met zijn Teachmeet op dit moment diegene is die de het best doorheeft wat het onderwijs nodig heeft. Wat Fons tot twee keer toe voor elkaar heeft gekregen heeft bij veel edubloggers een gevoelige snaar geraakt. Haal de mensen van de NOT door een zeef en je houdt de Teachmeet over. Het neusje van de zalm uit innoverend onderwijsland. De TEDTALKS van onderwijs Nederland. Althans, dat zou het zomaar kunnen worden. Mijn zegen heeft het. Maar zijn die paar teachmeets genoeg om het beste van alle ideeën te verankeren. Blijven de teachmeets een persoonlijke hobby van een bedreven blogger of is dit slechts het begin van iets onvoorstelbaar briljants. Ik houd het in de gaten.

Conferentie Innovatiekracht Onderwijs
Tot slot houd ik mijn ogen gericht op het OC&W dat met een conferentie op de proppen kwam. De conferentie sluit precies aan op het onderwijs innovatie vraagstuk. Ik was er niet bij. Maar het verslag verraadt wat er die dag besproken is. Het wordt me duidelijk dat het onderwijs innovatie vraagstuk bloedserieus genomen wordt. Hier en daar schemert zelfs door dat zonder de briljante ideeën uit het veld, het onderwijs op zich in een soort ‘levensgevaar’ is. En oei.. ze komen zelfs met oplossingen. Spannend allemaal. Het verslag sluiten ze af met het advies dat juist de leiding in het onderwijs eens wat vaker over de schutting moet kijken.

Als ik deze vier grootheden in de smiezen houd, denk ik dat ik vroeg of laat lees dat er ergens een antwoord is gevonden op het onderwijs innovatie vraagstuk. In een eerdere blogpost heb ik al eens gerept over de kwaliteit van onderwijs. Ik ben en blijf zeer benieuwd waar de volgende slag geslagen wordt. Ik ervaar dit alles als zinnenprikkelend en hoop dat ik vanuit het basisonderwijs mijn steentje kan bijdragen. Sterker nog.. Ik hoop dat ik over een paar jaar kan zeggen.. “Ik zat bovenop die ontwikkelingen, toen werd uitgevonden hoe de onderwijsuitvindingen gestroomlijnd werden..”

maandag 15 juni 2009

Kobus Test Manymoon - Wie doet er mee?

Oh.. ik heb weer iets gevonden hoor. Ditmaal is het een online samenwerktooltje genaamd Manymoon.com. Ik ga het testen en ik laat je dan binnenkort weten hoe het bevalt. Mocht het goed werken, dan wil ik het introduceren op mijn school.

Ik heb je vast al eens verteld dat we op school werken met google apps. Manymoon.com werkt nauw samen met google apps. Je kunt projecten, taken en mijlpalen in projecten aanmaken en deze worden eventueel direct geplaatst in je google kalender. Ook kun je projecten en de daarbij behorende taken delen met je adresboek. Documenten uit google docs kun je eenvoudig koppelen aan gedeelde taken en projecten.

Gelukkig werkt manymoon ook met gmail en niet alleen met google apps. Dus ik ben druk aan het testen. Mocht iemand behoeften hebben om mee te testen. Laat het me weten, dan heb ik meteen iemand om taken en projecten mee te delen.

ManyMoon demo & review from Social Signal from Alexandra Samuel on Vimeo.

donderdag 4 juni 2009

We helpen Wikiwijs een handje..


Karin Winters schreef er al over. Ook Willem Karsenberg wierp wat licht op de zaak. Marcel Kesselring schreef een uitgebreid stuk over wikiwijs. En ik ga vanuit het basisonderwijs mij er ook maar eens mee bemoeien.

Dat doe ik niet uiteengezet en precies. Ik maak er ook geen superlange blogpost van. Ik hou het kort. Want je hebt geen zin om lange teksten te lezen. Dat is met kinderen zo, maar dit verandert door de jaren niet zo gek veel. Je wil door.

Liever weinig lezen. Je wil Plaatjes. Klikken. Snel.

Een wiki bijhouden is niet bijster snel. Het is prachtig, uitgebreid, grondig. Maar niet snel. Het is vrij complex. Niet voor edubloggers, welnee.(tss het idee)

De wikiwijs doelgroep zal écht geen wiki vullen. No way. De mensen die wel je wiki gaan vullen behoren tot een fractie van je doelgroep. Wij. En wij vullen momenteel onze eigen wiki's en blogs. Toch is een gezamenlijk platform onwijs wenselijk.

We willen web 2.0 met het gebruikers interface van duplokwaliteit. Duidelijk, simpel, zero learningcurve. We hebben geen zin om ons erin te verdiepen.

Het moet direct aanspreken en direct werken. Doet het dat niet. Dan winkelen we verder.

We willen de functionaliteit van Hyves, Twitter, YouTube, Scribd, Ning IN 1. En dat voor onderwijs. Ik wil een account kunnen maken en mijn zelfgemaakte documenten daar plaatsen. Ik wil voor het speelkwartier een vraag kunnen stellen ala twitter en na de pauze een antwoord hebben. Ik wil eer krijgen voor mijn deelname. Ik wil het idee wat in jouw hoofd zit. En een ander wil dat ook. Zonder filter. Zonder betaalde jury die beslist wat een goed idee is. Ik wil een platform die dat geeft. Voor en door onderwijzers. Onderwijs 2.0

Maak er iets van.

Om te laten zien wat ik bedoel heb ik hier een voorbeeld van iets wat je direct op je wikiwijs site gebruiken kunt. Volg de link.

http://moderator.appspot.com/#15/e=6d35d&t=708dd